Blog

Koningsnacht op de ambassade

De ambassade

De ambassades in Teheran bevinden zich in het chique noorden, zo ook de Turkmeense ambassade. Om Turkmenistan, een van de meest geïsoleerde en afgesloten landen in de wereld in te mogen moesten we een visum zien te regelen. Om een transit visum (een visum voor maximaal vijf dagen en de enige betaalbare optie om het land in te kunnen) te bemachtigen, begaven we ons op de tweede dag van onze reis naar Noord-Teheran. Nadat we erin waren geslaagd een aanvraag voor het visum in te dienen, maakten we een wandelingetje door de buurt. (In een latere blog over Turkmenistan zal ik dieper op de visum procedure ingaan.)

In jolige bui zochten we op waar de Nederlandse ambassade was. Vlak voordat we weggingen, zijn we in de Balie naar de thema-avond ‘Onze vrouw in Teheran’ geweest, waar de Nederlandse ambassadrice en Thomas Erbrink met elkaar in gesprek gingen en waar gesproken werd over de volgens sommige overdreven beveiligingshekken van de Nederlandse ambassade. Volgens onze mobiele kaart bevonden we ons slechts op een kilometer afstand van de ambassade en we wilden die hekken wel eens in het echt zien: we liep ernaartoe. Onderweg beseften we ons dat we waarschijnlijk tijdens Koningsdag weer in Teheran zouden zijn. Wetende dat op ambassades dan vaak een feestje wordt georganiseerd, namen we ons voor te proberen een uitnodiging te bemachtigen. Nu we er toch zijn….

Niet geschoten…

Twintig minuutjes later stonden we voor de inderdaad grote, zware hekken van de ambassade en liepen we naar het hokje naast de ingang. Twee Iraanse beveiligers heetten ons vriendelijk welkom en vroegen wat we kwamen doen. Onze missie nog even geheimhoudend, zeiden we dat we alleen even gedag wilden zeggen. Dat zorgde voor enorme verwarring. Hadden we geen afspraak? Was er dan iets aan de hand? Hadden we dringend hulp nodig? Lachend bleven we zeggen dat alles oké was en dat we echt alleen even op de thee kwamen. Al gauw kregen we spijt van ons enigszins brutale bezoek, de bewakers waren zichtbaar erg in de war en belden allemaal verschillende mensen, die blijkbaar niks voor hun of ons konden betekenen. Weglopen konden we echter niet meer, want onze paspoorten bevonden zich inmiddels in het bewakershokje en werden grondig doorzocht naar niet bestaande aanwijzingen.

Na twintig minuten (het voelde als een uur) kwam er schot in de zaak. Er was een derde Iraniër (met een tulpen-stropdas) bijgekomen, die op de ambassade werkte. Ook hij begon mensen te bellen en kreeg blijkbaar toestemming ons binnen te laten. Het was allemaal heel ongemakkelijk: We moesten onze telefoons bij de ingang achter laten en kwamen in de ruimte voor consulaire-diensten terecht. Daar hoorden we de eerste Nederlandse woorden onze kant op komen.

Aan de balie stond het hoofd van de afdeling ons te woord, een hele aardige mevrouw die volop interesse toonde in onze reis. We kregen tips over Iran en onze vragen over de ambassade werden enthousiast beantwoord. ‘Maar wat komen jullie nou eigenlijk doen?’, vroeg ze uiteindelijk. Met een zo strak mogelijk gezicht vroegen we of er wat zou gebeuren op Koningsdag, omdat we het toch erg jammer vonden dat we dat zouden moeten missen. De uitnodigingen waren al verstuurd, maar Anja zou kijken wat ze voor ons kon doen. We lieten onze gegevens achter. Lachend, verward en nog een beetje in shock dat het ons gelukt was liepen we weer naar buiten. Toen we de hoek om waren (en belangrijker: uit het zicht van de camera’s), schoten in de lach. Stap 1 was wonder boven wonder gelukt, nu was het afwachten of we een uitnodiging zouden krijgen.

Outfits & kappers

Heel lang hoefden we niet te wachten. Een kleine week later kreeg mijn reisgenoot Tessel in een park in Tabriz een mail binnen:

On the occasion of the birthday of His Majesty King Willem-Alexander the Ambassador of the Kingdom of the Netherlands H.E. Ms. Susanna Terstal,requests the pleasure of the company of ms. T.F.A. de Vries & spouse at a reception on Thursday 26 April 2018, from 19.00hrs onwards followed by a party with DJ.’

Ikzelf kreeg helaas geen mail, maar gelukkig mocht Tessel wel haar ‘spouse’ meenemen. We hadden twee weken om ons te verheugen en een outfit bij elkaar te sprokkelen, de dresscode was ‘casual chique’. Speciaal voor het feest vlogen we vanuit Shiraz een dag eerder dan gepland terug naar Teheran. Daar bezochten we de voormalig Amerikaanse ambassade.

In dat gebouw bevindt zich nu een museum. Dit museum gaat over de gijzeling van 444 dagen van de Amerikaanse medewerkers van de ambassade. Het museum hangt vol met anti-Amerikaanse en anti-Israëlische (joodse) posters, ook de graffiti op de buitenmuur straalt hetzelfde sentiment uit. Na drie weken een heel gastvriendelijk en rustig Iran te hebben leren kennen, was dit weer even een wake-up call voor de politieke, enorm ingewikkelde en agressieve werkelijkheid. Heel veel tijd om er bij stil te staan of erover te praten hadden we helaas niet, want Tessel had een afspraak bij de kapper.

Ik ging terug naar het hostel om het een en ander voor ToenToer te doen en mijn outfit bij elkaar te zoeken. Drie uur later kwam Tessel met gestyled en gesteild haar (precies waar ze bang voor was) het hostel ingelopen. Waar ze thuis opvalt met een grote bos krullen, is steil haar hier het schoonheidsideaal. De kapsters hadden er een ‘moderne’ coupe van gemaakt. Gelukkig kon ze er zelf om lachen, het was vooral even wennen. Om 19:30 stonden we gedoucht en uitgedost klaar om ons naar het noorden van de stad te begeven. Tessel met oranje nagellak en oranje hijab, ik in een grijs-witte manteau uit Yazd (de meningen verschillen over voor welk geslacht het bedoeld is, maar het is een mannenmodel!).

Een klein stukje Nederland in Iran

Een klein uur later (Teheran is groot en enorm druk) stonden we voor de ingang. De luidde muziek die van binnen kwam was erg uitnodigend. We werden van de gastenlijst afgestreept en lieten enkele spullen achter in de garderobe. Er lag een oranje hijab als geschenk te wachten op Tessel, maar die had er al een. De hijab zou vrij nutteloos blijken; geen enkele vrouw had het haar bedekt.

Dat was het eerste bewijs voor ons dat de binnen en buiten cultuur van Iran, helemaal op een westerse ambassade, twee verschillende werelden zijn. Het tweede bewijs was het biertje dat we binnen een minuut in onze handen hadden. We werden overvallen door het gemak waarmee we ons plots weer in de ‘vrije’ wereld konden wanen.

De biertjes smaakten goed en we baanden ons weg naar de dansvloer, want de DJ had het volume nog eens opgedraaid en draaide Bruno Mars. We werden ons bewust van de enorme diversiteit van de gasten. Enkele Hollandse zakenlieden, vooral veel Iraniërs, een Turkmeen en een Duitser in compleet militair kostuum, een Malinees in traditionele kledij en nog veel meer. Op de dansvloer danste iedereen met elkaar.

Toen we schalen met eten voorbij zagen komen, stopten Tessel en ik abrupt met dansen en gingen we opzoek naar een bitterbal. Zo maakten we onze weg terug naar de bar, waar we ons eerste contact hadden met andere gasten. Het waren een jonge man van de Russische ambassade en een Wit-Rus die voor Heineken (hoe kan het ook anders) werkten. Bier, voetbal en hun vrouwen (die niet blij waren met Iran als woonplek) waren de perfecte onderwerpen voor bij de borrel.

Geen Nederlandse ambassade zonder een portret van de familie natuurlijk
Een gemêleerd gezelschap op de dansvloer

Terug op de dansvloer kwam Tessel iemand tegen die ze ook al bij de kapper had ontmoet.  We dansten lang met een groep jonge Iraniërs, die oordelend op hun kleding en alcoholconsumptie een geprivilegieerde achtergrond hadden. Een van mijn favoriete momentjes van de avond was toen een Iraanse jongen een selfie maakte met de Nederlandse ambassadrice en hij op haar aandringen het bierflesje buiten het fotokader hield. Sowieso was de ambassadrice een leuke verschijning. Ze wiegde zich  vrolijk en uitgelaten door de menigte in een zebraprint shirtje op een witte broek. Toen we uiteindelijk de moed hadden verzameld om haar aan te schieten, bleek ze ook echt zo aardig als ze eruit zag. Ze vertelde ons onder andere dat normaal gesproken toeristen niet worden uitgenodigd en dat we dus veel geluk hadden gehad.

We spraken met een Iraanse jongen die in Amerika studeerde en door Trump genoodzaakt was het land te verlaten. Zijn zus werkte bij een platform voor kunstenaars. We dansten met een Deens-Libanees koppel, die ons de titel gaven voor beste dansers van de avond. En we dronken nog meer bier met een groepje jonge Nederlanders, die in Iran studeerden of dat hadden gedaan en waren blijven hangen. Het was een goede avond met een vergelijkbare sfeer van een festival tijdens de zomer in  een Amsterdams park. Het was ook een avond die gevuld was met interessante ontmoetingen en gesprekken. Aan het einde van de avond was letterlijk alle alcohol op en zagen we voor het eerst mensen bij de stand van Bavaria 0% staan.

De rit terug naar huis

In de garderobe raakten we in gesprek met een vrouw van in de dertig die ik eerder op de avond had gered van een dronken vervelende man. Om zijn aandacht voor haar te doen verdwijnen hadden we even samen staan dansen. Ze bleek in de kunst te werken en had in Zwitserland gestudeerd. Met haar deelde Tessel het ietwat treurige moment van het weer opdoen van de hoofddoek. Heel bewust van ons dronkenschap in Iran (een raar besef) liepen we de straat op met z’n drieën. Moeite doen om een taxi te vinden hoefden we niet, want Mira bood ons lift naar huis aan. In de auto was het gezellig en met een enorme vaart reden we richting ons hostel. Daar aangekomen bedankten we Mira hartelijk en wisselde we nummers uit, want ze komt binnenkort naar Amsterdam.

We liepen langs een politiewagen die op de hoek van ons hostel stond geparkeerd en tot onze schrik begonnen de agenten tegen ons te praten. Ze begrepen ons niet toen we zeiden dat ons hostel om de hoek was. We werden ons nog meer bewust van onze aangeschotenheid en kregen het even benauwd. Onze reddende engel was wederom Mira, die ons blijkbaar gevolgd was en als tolk kon dienen. Het bleek dat de agenten bezorgd waren om onze veiligheid en dat ze ons hadden aangeboden ons naar huis te brengen. Mira legde uit dat we er al bijna waren en ze lieten ons met een vriendelijke groet gaan.

De kater de volgende ochtend was verschrikkelijk, de drie weken zonder alcohol waren heel duidelijk te merken. Het feestje was het gelukkig allemaal waard! Voor meer informatie over de Nederlandse ambassade in Iran en het aanvragen voor een reisvisum kunt u hier klikken.

Voor een kort fragment van deze party, klik dan hier.

Bedankt voor het lezen en tot de volgende keer! -Cas