Blog

Over mannen in Iran

Preutsheid

Voor zover ik me kan herinneren was ik 14 toen ik het voor het eerst zag: hand-in-hand lopende mannen. Het was in Marokko op het Djemaa el Fna-plein in Marrakesh. Het gevoel van verrassing, blijdschap, verwarring en een soort van jaloezie wat er toen door mij heenging, komt elke keer weer terug als ik het zie. Zowel in Nederland, al is het in mindere mate, als in de Arabische wereld. Iran is geen uitzondering.

De lichamelijke gêne-loosheid tussen mannen heeft iets dat mijn preutse zelf fascineert (en soms mijn seksuele voorkeur bevestigt). Vaak wordt aanraken tussen mannen in Nederland als ‘gay’ bestempeld. Ook al zorgt dat bij (en vele anderen) voor veel irritatie, begrijp ik het wel. Zelf ben ik vrij preuts: kleedkamers zijn voor mij al sinds de E-tjes bij voetbal (10/11 jaar) een plek die ik liever vermijd. Als er zich een omhelzing met een man voordoet, ben ik me daarbij altijd enorm bewust van mijn seksualiteit. Niet dat ik er opgewonden van raak, het ongemakkelijke eraan is een angst dat de ander denkt dat ik het wel op die manier fijn vind.

Als het aankomt op homoseksualiteit, is er sprake van een groot cultuurverschil tussen Nederland in Iran. Vooral de mate van acceptatie van homoseksualiteit speelt hierbij een grote rol. In Iran ‘bestaat’ homoseksualiteit namelijk niet en mensen houden geen rekening met iets wat geacht wordt niet te bestaan. Als twee Iraanse mannen hand-in-hand over straat lopen in Teheran, wordt dit dus niet gezien als homoseksualiteit, want het ‘bestaat’ daar simpelweg niet. Als iets geaccepteerd wordt, heeft dat gevolgen voor de verhoudingen tussen mensen en wordt er rekening mee gehouden.

Daarom denk ik dat het redelijk snelle (en fantastische) proces van homo-acceptatie in Nederland grote gevolgen heeft gehad op de omgang tussen mannen in Nederland. Door dit bewustzijn en de daarbij komende twijfel over ieders geaardheid, is in mijn ogen de preutsheid onder mannen in Nederland enorm gestegen. Of mijn theorie correct is, zou onderzocht moeten worden. Het zou wel een verklaring kunnen zijn voor mijn persoonlijke preutsheid.

Omgang tussen mannen in Iran

In Iran wordt mijn bewustzijn van het bestaan van gays bevestigd. Interne discussies worden er gevoerd over de seksualiteit van elkaar aanrakende mannen die ik zie. Het blijft in Iran overigens niet bij hand-in-hand lopen. In de metro zitten jongens met armen en benen in elkaar verstrengeld, op straat zijn er hurkzit-treintjes waarbij armen geklemd worden om elkaars romp en in winkels worden de buikspieren al betastend veelvuldig vergeleken. Het slotwoord van mijn interne discussies is altijd: ‘Nee. Vrienden gaan hier zo met elkaar om, niks bijzonders aan.’ Als je mannen elkaar ziet begroeten wordt dit bevestigd. Zoenen, stevige handdrukken, lange omhelzingen en soms alles tegelijkertijd, zijn de normale handelingen als een Iraniër iemand tegenkomt. Het ziet er liefdevol, gezellig en zelfs mooi uit als een oude man een jonge jongen begroet. Het respect en de goedkeurende kus op het voorhoofd zijn bijna ontroerend.

Zulke intieme momenten heb ook ik meegemaakt, vooral als we afscheid namen van mannen die we ontmoet hadden op straat. De verwarring en onzekerheid over wat de correcte manier is hoe je hiermee omgaat, was te groot om ook nog te denken aan mijn eigen preutsheid. De vriendschappelijke liefde die hieruit blijkt, zorgt voor een warm geluksgevoel. Het zijn bijzondere en af en toe hele willekeurige momenten.

Familie & voetbal

Het belang van familie in Iran wordt ook duidelijk in dit soort momenten, want gauw wordt je naam veranderd in ‘broer’. Het moet op een andere manier geïnterpreteerd worden dan hoe wij in Nederland het woord gebruiken. Het is niet zozeer een directe familiare uitdrukking, vaker wordt er bedoeld dat Allah onze vader is en dat hij ons heeft samengebracht. Overigens nemen ze je wel het liefst zo snel mogelijk mee naar hun echte familie om thee te drinken. Een familie van wie je de hele samenstelling overigens al weet en de meeste leden al gezien hebt op een foto. Familie is dan ook een van de populairste gespreksonderwerpen in Iran.

Onder mannen moet die eerste plek wel worden gedeeld met voetbal. ‘Gesprek’ is hier alleen misschien niet helemaal van toepassing. Het zijn eerder wedstrijdjes van wie het snelst de meeste oude Nederlandse voetballers kan opnoemen. We hebben er veel lol mee en zij ook, vooral als het ontbreken van Nederland op het WK ter sprake komt. En ja, Iran doet wel mee natuurlijk. Wij zullen dan ook juichen voor Iran, met Jahanbakxs van AZ in de gelederen, als ze tegen Portugal (haha), Spanje (hahaha) en Marokko (dan hebben ze misschien een klein kansje) spelen.*

Gay in Iran

In Tabriz begon ons twee uur durende gesprek met Mohammed en Ali (niet hun echte namen) ook met voetbal. Edgar Davids en de anderen waren de revue al gepasseerd en een Real vs. Barcelona-discussie werd afgesloten met ‘Lets agree to disagree’. Het gesprek ging daarna over leven van moderne Iraanse jongeren. Het ging lang over de maatschappelijke druk om te trouwen en kinderen te krijgen en hoe de economische situatie dat bemoeilijkte.

De enorm hoge kosten van een huwelijk en de verwachting dat de man de vrouw vervolgens financieel onderhoudt, zorgen ervoor dat steeds minder jongens kunnen voldoen aan de verwachtingen. Veel jongere mannen vallen zo na hun studie in een soort niemandsland, gevangen tussen de wil zich academisch en taalkundig verder te ontwikkelen en de plicht te gaan werken om te sparen voor een mogelijk huwelijk. Uit de studiekeuze van jongeren blijkt dat het tweede het meest gekozen wordt: bijna iedereen doet een technische studie. Net als in Nederland lokt het geld jongeren daarheen, maar wel met een andere motivatie. Waar in Iran geld nodig is voor een huwelijk en een traditioneel gezin (en zo hun eigen bijdrage te leveren aan de maatschappij), is het in Nederland meestal een individualistische keuze.

Nog interessanter werd het gesprek toen er een jongen met geblondeerd haar langsliep. Waarschijnlijk omdat we het hadden over culturele verschillen tussen het ‘Westen’ en Iran, werden we er op attent gemaakt dat hij een homo was. Het waren niet de skinnyjeans of de manier waarop hij liep die volgens hun zijn geaardheid verraadden, het was zijn geverfde haar. Plots heel bewust zijnde van de verfresten in mijn haarpunten, maar ook wetende dat Tessel voorzover zij wisten mijn vrouw was, ging ik samen met Tessel het gesprek aan. Onze gesprekspartners schenen beide niet heel homofoob, maar dat was niet aan open-mindedness te danken. Hun gevoel naar deze jongen was eerder medelijden.

Een wisseling van geesten

Ze vertelden ons dat homoseksualiteit, in tegenstelling tot mijn idee, wel degelijk bestaat in Iran. Sterker nog: het is een erkende ziekte. Homoseksuelen zijn verplicht een doktersbriefje bij zich te hebben waaruit blijkt dat ze in behandeling zijn of de intentie hebben in behandeling te treden. Zolang ze die verklaring bij zich hebben, zijn ze veilig voor de politie en andere criticasters. In eerste instantie was ik verbaasd door een houding die toleranter was dan ik had verwacht. Gecharmeerd was ik er overigens niet door. Nadat ik deze informatie verwerkt had, besefte ik mij echter dat het niks verandert aan de vrijheidsbeperking die homoseksuelen wordt opgelegd. Seksuele relaties of zelfs zoenen is nog steeds ten strengste verboden en wordt zwaar bestraft. Daarnaast wordt het nog steeds gezien als een ziekte. De situatie zit dus anders in elkaar dan ik dacht, maar het blijft een afschuwelijke situatie voor homoseksuelen.

Van de oudste gesprekspartner, waarvan het onderhand duidelijk was dat hij niet representatief was voor Iran, kregen we zijn interpretatie van homoseksualiteit te horen. Hij was ervan overtuigd dat bij homo’s een vrouwelijke geest het lichaam had overgenomen en bij lesbiennes een mannelijke geest. Hij kende een plek waar die geesten verdreven kunnen worden en waar de ‘genezen’ mannen en vrouwen vijf minuten krijgen om afscheid te nemen van de vertrekkende geest.

Hoe verhelderend het gesprek ook was geweest, de realiteit leek des te verwarrender. Eerst had ik alle opmerkingen van Tessel over alle mannelijke aandacht die ik kreeg (en de enkele situatie wanneer het ook door mijn hoofd schoot), in de wind geslagen. Mijn verklaring was de algemene interesse in ‘westerlingen’ en mijn blonde haar. Na dit gesprek kwam de bekende twijfel terug.

Sociale constructies

Een aantal situaties die ik had meegemaakt, zouden in Nederland 100 procent worden geïnterpreteerd als flirten. Of dit zo was in Iran zal ik nooit weten, maar mijn zelfvertrouwen heeft er niet onder geleden. De meest opvallendste situatie heeft zich voorgedaan in Esfahan. In een hip café onder één van de prachtige bruggen werd er met me geflirt. De jongen die ons bediende keek me de hele tijd aan met een doordringende blik en hij kon een glimlach niet onderdrukken. Terwijl ik mijn bananenmilkshake dronk, keek ik af en toe zijn kant op en elke keer kruisten onze blikken elkaar voordat we ons verlegen lachend weer ergens anders op concentreerden. In Amsterdam had ik nu zijn nummer gehad.

Tijdens het bestellen had hij geen enkele aandacht voor Tessel. In dit geval kwam dat waarschijnlijk door zijn geaardheid, maar verder is dit in Iran niet meer dan normaal. Het gebeurt voortdurend dat mannen aan mij Tessels naam vragen terwijl ze letterlijk naast me staat. Andersom gebeurt hetzelfde, vrouwen praten in eerste instantie niet tegen mij. Hier is het een vorm van respect, maar op ons komt het juist onbeleefd over. Het cultuurverschil wordt hiermee weer duidelijk. Ik verbaas me er weleens over wat  voor rare sociale constructies mensen weer hebben bedacht. Het lichtpuntje aan dit verhaal is dat de gecompliceerde omgang met elkaar in Iran gebaseerd is op wederzijds respect, en zo is te verdragen.

In het geval van homoseksualiteit is dat helaas niet het geval. Er is geen wederzijds respect en dat is een verdrietig besef. Om op een positieve noot te eindigen: IT GETS BETTER. Het is al te merken aan de strijd die sommige mensen aan het voeren zijn hier. Niet alleen voor homo-emancipatie, maar ook bijvoorbeeld voor vrouwenemancipatie. Er zijn vrouwen in Iran die ondanks alles doorgaan met hun strijd voor gelijke rechten. In een volgend gastblog zal Tessel hierop ingaan.

Tot snel!
– Cas

*Dit blog was geschreven voordat Iran van Marokko won en van Spanje verloor (goed voorspeld hè!).